
Calamiteiten bij rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi's) en rioolpersgemalen leiden tot een stagnatie in de afvoer en verwerking van het rioolwater.
Bij een calamiteit op een rwzi bestaat de kans dat er na verloop van tijd ongezuiverd rioolwater op het oppervlaktewater wordt geloosd. Het rioleringsstelsel heeft immers een beperkte bergingscapaciteit. In sommige gevallen kunnen calamiteiten ook tot stankoverlast voor de omgeving leiden.

Het ontstaan van een calamiteit heeft diverse oorzaken. De belangrijkste zijn:
De duur van een incident bepaalt vaak of er al dan niet een calamiteit ontstaat. Het waterschap probeert incidenten, aan de hand van vastgestelde procedures en werkinstructies, zo snel mogelijk te verhelpen.
Als er onverhoopt toch een calamiteit ontstaat, dan treedt het calamiteitenbestrijdingsplan in werking en zal een calamiteitenorganisatie worden ingericht. Deze calamiteitenorganisatie kan bestaan uit diverse geledingen van het waterschap, maar bijvoorbeeld ook de gemeente, brandweer en politie. Het doel is vervolgens om de calamiteit zo snel mogelijk ongedaan te maken, en schadelijke effecten voor de omgeving te voorkomen dan wel zo veel mogelijk te beperken.