Vooral wanneer hitte, droogte en stortbuien samengaan, kan massale vissterfte optreden. Het waterschap neemt diverse maatregelen om het zoveel mogelijk te voorkomen. Maar het zal nooit helemaal uit te sluiten zijn.
Ziet u ergens happende vissen of dode vissen? Wilt u dit dan zo spoedig mogelijk melden, zodat de medewerkers maatregelen kunnen nemen. Hiervoor is het waterschap dag en nacht, ook in het weekend, telefonisch bereikbaar (0546 - 832525).
Een warme periode kan plotsklaps eindigen in een extreme (onweers)bui. De meeste mensen waarderen de buien wel, omdat ze wat verkoeling met zich meebrengen. Voor de vissen zijn deze donderbuien vaak minder plezierig. De plotselinge en extreme regenbuien veroorzaken overvolle riolen. Riooloverstorten treden dan in werking. En daarmee komt er heel wat vuil in de beken. Het vuil wordt afgebroken en bij deze processen is veel zuurstof nodig, met als gevolg dat het zuurstofgehalte in het water daalt. Zo kan een zuurstofloze prop ontstaan, met als gevolg happende en zelfs dode vis.
Na een melding, gaat de calamiteitendienst ter plekke de situatie controleren. Het zuurstofgehalte wordt gemeten en er wordt onderzocht welke maatregelen men kan nemen. Zo tracht men soms zuurstofrijk water uit een andere beek naar de plek van het onheil te leiden of men gaat het water beluchten met speciaal daarvoor beschikbare apparatuur. Soms rest er niets anders dan de dode vis op te ruimen. Maar ook dan is snelle actie noodzakelijk om overlast te voorkomen. Het waterschap tracht in het natraject de oorzaak te achterhalen. Is er bijvoorbeeld sprake van een veroorzaker die illegaal kwalijke stoffen in een beek heeft geloosd, dan wordt getracht deze op te sporen en te vervolgen.
Wat er aan acties wordt ondernomen, krijgt u als melder altijd te horen van het waterschap. Onderdeel van de procedure is het terugmelden aan de melder. Heeft u dus de moeite genomen het waterschap te waarschuwen, dan hoort u van het waterschap wat er met uw melding is gedaan en wat de afloop is.
